Dag 5: verslag groep 4

Daags na de val

Twee leden van onze groep zijn gisteren onderuit gegaan op een gladde stalen brug. Evert Kolet heeft aan zijn rechterhand twee vingers uit de kom (nu gespalkt) en een flinke snee in zijn pink (gehecht). Eva Düsterhöft moest door Evert’s val flink remmen en ging daardoor ook onderuit met als resultaat een gebroken helm (!) en een buil op haar hoofd. En dan allebei nog de nodige schrammen en blauwe plekken; pechvogels!

Om ons elftal weer enigszins op niveau te brengen stapt Arie de Keizer bij ons. Zijn conditie blijkt boven verwachting waardoor Kapitein Cees hem niet in groep 6 kan houden; Arie fietst niet in de groep maar er (ruim) voor. We gaan het vandaag met hem proberen waarna de ballotagecommissie er zich over zal buigen.

Na de buien van gisteren zijn we blij dat het vanochtend droog is, maar dan heb je alle positiefs over het weer al vermeld. Het is namelijk zwaar bewolkt en vrij koud voor eind mei.

Na een stukje drukke weg rijden we rond half negen de eerste van een reeks donkergroene dalen in. De benen zijn nog niet warm als we de eerste helling op fietsen om het dal weer uit te komen. Die benen protesteren duidelijk, en ook het zadel voelt niet comfortabel aan na vier volle dagen fietsen. Het lijkt vandaag wat langer te duren voor we ingefietst zijn. Het kasteel van Chastellux komt onverwacht en maakt een hoop goed: het ligt prachtig boven het riviertje La Cure.

In Lormes heeft de lustrumcommissie een verrassend ommetje door steile smalle straatjes bedacht: weer eens wat anders dan recht door het dorp.

Het hoogtepunt van de ochtend is Montagny-en-Morvan: het kleine café-restaurant is warm en gezellig, de beklimming er naar toe is mooi en niet te pittig (behalve als je denkt dat je er al bent en dan mag je nog een stukje extra steile helling) en het uitzicht op de omgeving fantastisch.

Daarna weer veel klimmen en dalen want Nationaal Park De Morvan is zeer heuvelachtig: rechte en vlakke wegen hebben ze hier niet. En daarvoor komen we hier ook!

De klim naar Chateau Chinon gaat lekker: een niet te steile weg, goed asfalt, rustige weg en mooie uitzichten. Daarna eerst wat dalen voordat de langste klim wordt ingezet naar een heuvel van bijna 800m hoog. Arie en Jeroen zijn vandaag de klimgeiten en denken dat ze als eerste boven zullen komen. Aan hun gesprek komt abrupt een eind als kapitein Wim en afdalingsspecialist Ruud zich plotseling achter hen melden. Jeroen zet iets aan en lijkt de volgers te hebben afgeschud als Wim zich opnieuw meldt. Hij heeft zich echter zo moeten inspannen dat een kleine laatste versnelling van Jeroen hem tekort doet komen. Arie strijdt dapper mee maar moet boven Ruud nog net voor zich dulden. Lang hoeven ze te wachten want de overige zes zijn kort daarna binnen. De afdaling die volgt is koud. Aanvankelijk lijkt het zelfs nog even mistig te worden maar dat valt mee. De kou valt niet mee, ook omdat de wind een rol in de afkoeling gaat spelen.

Lunch

De lunch is wederom prima verzorgd maar door de lage temperatuur en de wind koelt iedereen te snel af op de open plek die daarvoor is gekozen. Binnen een half uur zit iedereen weer op de fiets en moet er nog een paar kilometer worden gedaald. Ik heb het nog nooit zo koud gehad; ik moet zelfs mijn snelheid temperen omdat ik zo bibber dat ik het gevoel heb de fiets niet meer in de hand te hebben. (Is er soms iets aan m’n voorvork?)

Vlak voor Luzy zijn nog een paar korte klimmetjes die iedereen benut om weer warm te worden. Ik fiets als een wilde omhoog, en gelukkig weet ik mijn bloedsomloop daarmee weer op peil te brengen. Eindelijk kunnen regenjacks en beenstukken uit en voelen we ons weer een beetje aangenaam.

De theepauze (met koffie, cola, warme choco en voor een enkeling bier) houden we in Guegnon, een onogelijk stadje in een prachtige omgeving. Via wat lage heuvels mogen we het laatste stuk door een bos afdalen tot vlak voor Paray.

Het hotel ligt verrassend mooi in het oude centrum, vlak bij de Basiliek waar een aantal hotelkamers direct op uitkijkt.